Voor ondernemers geldt een simpele regel: geen werk betekent geen inkomen. Die directe koppeling maakt ondernemerschap aantrekkelijk wanneer het goed gaat, maar kwetsbaar wanneer ziekte of een ongeval roet in het eten gooit. Toch onderschatten veel ZZP'ers en kleine ondernemers de financiële impact van een tijdelijke uitval.
Wat er financieel gebeurt bij uitval
Wanneer een ondernemer niet kan werken, ontstaat er een dubbel effect. Aan de inkomstenkant stopt de omzet vrijwel direct. Lopende opdrachten worden uitgesteld of geannuleerd, nieuwe acquisitie valt stil, en klanten zoeken alternatieven. Aan de uitgavenkant blijft alles gewoon doorlopen.
Zakelijke vaste lasten zoals kantoorhuur, softwarelicenties, verzekeringen en belastingvoorschotten blijven doorlopen. Bij een eenmanszaak kan dit gaan om €500 tot €1.000 per maand. Daarnaast zijn er de persoonlijke verplichtingen: hypotheek, zorgverzekering, levensonderhoud.
Een realistisch rekenvoorbeeld: een ondernemer met een netto-inkomen van €2.000 per maand en €500 aan vaste bedrijfskosten heeft bij volledige uitval een tekort van €2.500 per maand. Na een half jaar komt dat neer op €15.000.
Waarom buffers vaak onvoldoende zijn
Veel ondernemers bouwen een buffer op om tijdelijke tegenvallers op te vangen. Een spaarpot van €5.000 tot €10.000 lijkt solide, maar verdampt sneller dan verwacht bij langdurige uitval. Drie maanden ziekte en de buffer is op.
Een tweede onderschatting ligt in de duur van herstel. Een burn-out of ernstige rugklacht betekent niet twee weken thuis blijven, maar vaak een hersteltraject van meerdere maanden. Psychische klachten hebben gemiddeld een hersteltijd van ruim een half jaar voordat volledig werken weer mogelijk is.
Bovendien houdt uitval niet op bij het moment dat je weer kunt beginnen. Het duurt tijd om klanten terug te winnen, opdrachten binnen te halen en de omzet weer op peil te krijgen. Die periode van opbouwen zit meestal niet in de buffer verrekend.
Waarom verzekeren niet altijd vanzelfsprekend is
Voor werknemers is arbeidsongeschiktheidsdekking vaak geregeld via de werkgever. Voor ondernemers ligt dat anders. Een arbeidsongeschiktheidsverzekering moet zelf worden geregeld, en daar zitten haken en ogen aan.
Standaard verzekeraars hanteren strikte acceptatiecriteria. Leeftijd, beroep en gezondheid worden beoordeeld. Een afwijzing kan snel volgen, bijvoorbeeld bij rugklachten in het verleden of een eerdere periode van overspanning. Dat leidt ertoe dat ondernemers denken dat verzekeren voor hen niet mogelijk is.
Daarnaast speelt uitstelgedrag een rol. In de opstartfase ligt de prioriteit bij omzet en groei, niet bij risicoafdekking. Later wordt het uitgesteld omdat het goed gaat, of juist omdat het te druk is. Het gevolg: jaren zonder dekking.
Medische voorgeschiedenis: wat ondernemers vaak niet weten
Een veelvoorkomende misvatting is dat een medische voorgeschiedenis verzekeren onmogelijk maakt. Standaard verzekeraars wijzen inderdaad snel af bij eerdere gezondheidsproblemen, maar dat betekent niet dat er geen opties zijn.
Sommige ondernemers kiezen ervoor om medische informatie te verzwijgen bij een aanvraag. Dat lijkt een oplossing, maar is dat niet. Bij een claim wordt de medische geschiedenis alsnog gecontroleerd. Blijkt dat relevante informatie is verzwegen, dan volgt weigering van de uitkering. Jarenlang premie betalen voor niets.
Wat veel ondernemers niet weten, is dat er gespecialiseerde adviseurs en verzekeraars bestaan die zich richten op complexere situaties. Een AOV met medische voorgeschiedenis is vaak wel degelijk mogelijk, zij het met aangepaste voorwaarden zoals uitsluitingen, premie-opslagen of beperkte dekking.
De ondernemer als belangrijkste asset
Het is een simpele vaststelling: als ondernemer ben je zelf je belangrijkste kapitaalgoed. Machines kun je vervangen, software kun je opnieuw installeren, maar je eigen arbeidsvermogen niet. Toch wordt dat risico vaak als laatste aangepakt.
Dat betekent niet dat iedereen direct een arbeidsongeschiktheidsverzekering moet afsluiten. Wel dat bewuste keuzes gemaakt moeten worden. Wat is het financiële effect van drie maanden uitval? Van zes maanden? Welke buffer is realistisch? En zijn er mogelijkheden om dat risico af te dekken?
Voor ondernemers met een medische voorgeschiedenis of andere acceptatieproblemen is het verstandig om niet bij één afwijzing op te geven. Informatie over specialistische routes en alternatieven is beschikbaar, onder meer via AOVKompas.
De conclusie is helder: ondernemersinkomen is direct gekoppeld aan gezondheid en inzetbaarheid. Wie dat risico serieus neemt, maakt betere keuzes over buffers, verzekeringen en financiële planning. En dat begint met informatie verzamelen in plaats van aannames doen.